'Met sport komen onze leerlingen verder in het leven'

Oktober 2015
Langzaamaan wakker worden in de schoolbanken is voorbij voor de brugklassers van het Stanislascollege in Rijswijk. Vanaf dit schooljaar beginnen álle eerstejaars vmbo-leerlingen dagelijks met een uur sporten. “Dat stimuleert de concentratie en cognitieve vaardigheden”, zegt locatiedirecteur Fons van den Broek. 
De nieuwe locatie van het Stanislascollege aan de P.C. Boutenslaan in Rijswijk staat nog deels in de steigers,  maar de brugklasleerlingen weten er hun weg al te vinden. Naar de gymzaal om een vechtsport of streetdance te leren bijvoorbeeld. Of zij gaan samen op de fiets naar het voetbalveld, het zwembad of de sportschool om aan hun conditie werken. “Een toenemend aantal vmbo-leerlingen komt met een taal-, reken- en leesachterstand op school. Dat geldt zeker voor onze leerlingen, waarvan tachtig procent uit de zogenoemde Haagse ‘Prachtwijken’ komt. Een eenvoudige vermenigvuldiging als 6 x 5 is vaak al een lastige opgave. Dat moet structureel veranderen”, zegt locatiedirecteur Fons van den Broek. “Sport en beweging staan centraal in onze nieuwe totaalaanpak waarmee wij de cognitieve vaardigheden en concentratie van onze leerlingen willen verbeteren.”



Het idee voor de ‘beweeg-vmbo’ is zo’n twee jaar geleden ontstaan binnen de sectie Lichamelijke Opvoeding. “Naast de leerachterstand maakten we ons ook zorgen over de gezondheid van onze leerlingen”, zegt Mike Peters, sectievoorzitter en gymleraar op het Stanislascollege. Vmbo-leerlingen hebben de slechtste conditie onder scholieren tussen de twaalf en zeventien jaar. Minder dan veertig procent van deze groep beweegt voldoende, stelt het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen. Peters: “Dit maatschappelijke probleem wilden wij met de ontwikkeling van een gezonde school op een positieve manier aanpakken. Na het lezen van allerlei (buitenlandse) wetenschappelijke onderzoeken over het – zeer waarschijnlijk – positieve verband tussen bewegen en cognitieve vaardigheden, geheugen en concentratie, hebben we onze aanpak ontwikkeld. Want een ding is zeker, je voelt je altijd beter als je sport. En de leerprestaties gaan er niet door achteruit. We slaan dus twee vliegen in een klap: de leerlingen werken op een leuke manier aan betere schoolresultaten én aan hun gezondheid.”

Media-aandacht
De ‘beweeg-vmbo’ is een gat in de markt, merkte Van den Broek nadat de school begin dit jaar het nieuws naar buiten bracht. “De media sprongen er direct bovenop: Hart van Nederland, de Telegraaf, het AD, TV West en ga zo maar door, ze hebben er allemaal over bericht.” Het hoge aantal nieuwe leerlingen vormde uiteindelijk het echte bewijs: “Normaal gesproken hebben we jaarlijks zo’n honderd aanmeldingen, dit schooljaar zijn we met maar liefst 143 bruggers gestart”, vertelt de locatiedirecteur trots.
Die 143 brugklasleerlingen zijn aan het begin van het schooljaar getest door onderzoekers van het VU Medisch Centrum, waarmee het Stanislascollege samenwerkt voor de nieuwe lesmethode. Gymleraar Peters: “De onderzoekers hebben een nulmeting gehouden; de kinderen zijn getest op uithoudingsvermogen, kracht en fysieke eigenschappen. Natuurlijk met toestemming van de ouders. Gedurende het jaar blijven zij de leerlingen volgen en hun ontwikkelingen op conditie en cognitie meten.”



De voorbereidingen hadden nog meer voeten in de aarde en duurden al met al een jaar. “Het onderwijsteam heeft heel positief gereageerd op het idee voor een ‘beweeg-vmbo’. Zij hebben deze methode echt omarmd”, vertelt onderbouwcoördinator Trees de Vos. “Dat is heel belangrijk, zeker als je weet dat de leerkrachten de meeste veranderingen voor hun kiezen hebben gekregen. Zij moesten bijvoorbeeld hun lessen inkorten van 50 naar 45 minuten en een speciale training volgen om de nieuwe, dagelijkse ‘beweegles’ van 30 minuten te kunnen geven.”
Naast deze veranderingen, zijn er de dagelijks maatwerklessen. Leerlingen kunnen huiswerk maken onder begeleiding, individuele ondersteuning krijgen bij moeilijke vakken en hun talenten en interesses ontdekken, zoals filosofie. Tijdens deze lessen heeft het Stanislascollege ook aandacht voor thema’s als pesten, bijvoorbeeld via een klassikale Kanjertraining. De Vos: “Om al deze vernieuwingen in passende roosters te krijgen voor alle leerlingen en leerkrachten, hebben de roostermakers enorm gepuzzeld!”

Eerste vorderingen
Maar nu staat het programma als een huis. De locatiedirecteur is enthousiast over de eerste vorderingen die hij ziet: “Veel kinderen die normaal gesproken de tram naar school pakten - ondanks dat ze maar twee haltes verderop wonen - komen steeds vaker op de fiets. Ze moeten wel, want veel gymlessen worden buiten de school gegeven omdat we zelf maar een beperkt aantal sportfaciliteiten hebben. De verhuizing was eerder gepland dan dat het idee voor een beweeg-vmbo was ontstaan. We gebruiken daarom onder andere de voetbalvelden van een club in de buurt, de kinderen gaan verderop mountainbiken en hardlopen, zij krijgen zwemles en in samenwerking met een sportschool werken onze leerlingen onder begeleiding aan hun conditie.”



Peters: “Alle brugklasleerlingen zijn op niveau ingedeeld en stellen hun eigen doelen op om zichzelf zoveel mogelijk uit te dagen. Wil je meer technische vaardigheden leren bij hockey, dan kan dat een doel zijn. De kinderen doen dus aan alles mee, maar wel op hun eigen niveau. Ik vind het super gaaf om te zien hoe de kinderen vooruitgaan, hoe zij leren samenwerken en meer zelfvertrouwen krijgen.”
Van den Broek: “Ik zie niet alleen dat steeds meer kinderen de fiets pakken, ze nemen ook vaker flesjes water mee en boterhammen en fruit. Heel goed, want we zijn een gezonde school. Bij ons is er dan ook geen rotzooi meer te verkrijgen in de kantine en zijn energiedrankjes en sigaretten verboden. Ook niet in de pauze, want leerlingen mogen pas van het schoolplein af als de school uit is.”

Ongedoucht in de schoolbanken
Na het dagelijkse uurtje sporten, gaan de kinderen in principe direct – zonder te douchen - de schoolbanken in. Peters: “Douchen mag wel, maar dan gaat de hartslag weer sneller naar beneden. En juist die verhoogde hartslag (de betere doorbloeding van de hersenen) zorgt ervoor dat je je beter kunt concentreren in de lessen direct na de gymles.” Voor de lunch volgt nog de beweegles in onder andere rekenen of taal. Van den Broek: “Dat wat de kinderen eerder op de ochtend hebben geleerd, wordt hier nog eens herhaald in combinatie met eenvoudige motorische bewegingen. Bijvoorbeeld Engelse woordjes opnoemen terwijl ze op een balanceboard staan, of tafels leren terwijl ze een bal heen en weer gooien. Dit bevordert de concentratie van de leerlingen en daarmee - als het goed is - ook de leerresultaten en hun toekomst.”

Tekst: Sietske Arkenau
Fotografie: Lou Wolfs